U bent hier:
Het ontwikkelen van een bestemmingsplan is een heel proces. Hier leest u welke stappen worden gezet om een nieuw bestemmingsplan te maken.
Het college van burgemeester en wethouders geeft opdracht voor het maken van een nieuw bestemmingsplan of voor het herzien van (een deel van) een bestaand bestemmingsplan. Bij het aanleggen van een nieuwe wijk moet een nieuw bestemmingsplan worden gemaakt. Maar dit geldt ook voor bestaande wijken. Dit is onder andere het geval als het bestemmingsplan al heel oud is. Ook het tegengaan van ongewenste ontwikkelingen in een gebied of juist het stimuleren van bepaalde ontwikkelingen kunnen aanleiding zijn om een bestemmingsplan (gedeeltelijk) te wijzigen.
Voordat een bestemmingsplan wordt opgesteld, wordt over het gebied onderzoek gedaan in de archieven. Ook wordt er een kijkje genomen in het gebied zelf. De resultaten van zo'n inventarisatie worden geanalyseerd. Dit vormt samen met het door de Gemeenteraad (of de hogere overheid) vastgesteld beleid de visie voor het gebied. Dit leidt uiteindelijk tot een voorontwerp van een bestemmingsplan (een eerste concept).
Het voorontwerp wordt eerst naar de betreffende dorps- of wijkraad gestuurd voor eventuele opmerkingen. Dit wordt voorinspraak genoemd.
Daarna wordt het voorontwerp gedurende vier weken ter inzage gelegd. Tijdens deze vier weken kan iedereen, dus bewoners, maar ook bijvoorbeeld bedrijven, aan het college van burgemeester en wethouders (B en W) een schriftelijke reactie (inspraakreactie) over het voorontwerp sturen. Iedereen die een reactie heeft ingediend (insprekers genoemd), krijgt na afloop van de inspraaktermijn de gelegenheid om de inspraakreactie mondeling toe te lichten.
Daarna worden alle schriftelijke en mondelinge reacties in een nota samengevat. Burgemeester en wethouders besluiten wat er met de reacties gebeurt en of de reacties leiden tot aanpassing van het voorontwerp bestemmingsplan.
Degenen die hebben gereageerd krijgen een brief waarin staat wat er met hun reactie is gebeurd en met informatie over het vervolg van de procedure.
De resultaten van de inspraak worden in het bestemmingsplan verwerkt, net als de resultaten van overleg met provincie, waterschap en andere instanties en het gevraagde advies van de raadscommissie Ruimtelijke Ontwikkeling. Na aanpassing is er sprake van een ontwerp bestemmingsplan.
Het ontwerp wordt zes weken ter visie gelegd. Ook in deze fase is het mogelijk om schriftelijk te en modeling reageren, nu door een zienswijze die moet worden gericht aan de Gemeenteraad. De indieners krijgen gelegenheid hun zienswijze toe te lichten. Deze zienswijzen worden beoordeeld en verwerkt in een nota. Deze nota wordt vervolgens voorgelegd aan het college van B en W.
Het college van B en W bespreekt de zienswijzennota en het eventueel aangepaste bestemmingsplan en doet hierover een voorstel aan de Gemeenteraad. Het voorstel van het college gaat via de politieke markt Apeldoorn naar de Gemeenteraad. In de politieke markt Apeldoorn kan iedereen die een zienswijze heeft ingediend inspreken op het voorstel van het college van B en W. Daarna gaat het voorstel naar de gemeenteraad. De gemeenteraad stelt het bestemmingsplan uiteindelijk vast.
Na vaststelling ligt het bestemmingsplan weer 6 weken ter visie. Tijdens die weken hebben degenen die bij de gemeenteraad een zienswijze hebben ingediend ook nog een gelegenheid om nog gelegenheid om in beroep te gaan bij de Raad van State.
Degenen die zienswijze hebben ingediend, kunnen nu nog beroep instellen en vragen om een voorlopige voorziening bij de Raad van State. Als ook die procedure is doorlopen, is het bestemmingsplan onherroepelijk geworden.
Hieruit blijkt dus wel dat het tot stand brengen van een bestemmingsplan een complex proces is dat wel zo'n 1 tot 3 jaar kan duren!
Het op tijd indienen van uw zienswijzen en het instellen van beroep is zeer belangrijk. Hou daarom de termijnen steeds goed in de gaten.
Als u het ergens niet mee eens bent, dan moet u dit vanaf het begin van de procedure bekend maken door het indienen van een zienswijze bij de gemeenteraad. Als u zich later bedenkt, dan kan en mag uw reactie niet meer worden meegenomen. Uw reactie wordt dan niet ontvankelijk verklaard. Uitzondering hierop is als de gemeenteraad het bestemmingsplan wijzigt. Tegen dat deel van die beslissing kan in een later stadium nog wel beroep worden ingesteld.
Er zijn geen kosten verbonden aan het inbrengen van zienswijzen. Gaat u bij de Raad van State tegen een besluit in beroep, of dient u een verzoek om een voorlopige voorziening in, dan betaalt u griffiegeld. De tarieven zijn voor particulieren en groepen verschillend. Wint u een zaak, dan moet de provincie de griffiegelden aan u terugbetalen. Bij verlies hoeft u niet de door de tegenpartij gemaakte kosten te betalen.
Heeft u vragen of wilt u meer informatie over bestemmingsplannen, dan kunt u contact opnemen met: