Wethouder financiën, Henk van den Berge: “Er is de afgelopen drie jaar veel bereikt en gebeurd. Ook hebben we als college plannen in gang gezet waarvan de resultaten pas later zichtbaar worden. Met het Apeldoorn van 2040 als stip op de horizon, anticiperen we zo op maatschappelijke ontwikkelingen en dragen we de verantwoordelijkheid voor een stabiele toekomst. Vanuit dit besef zorgen we ervoor dat onze stad, dorpen en regio klaar zijn voor de toekomst.”
Samen komen we verder
Een belangrijke rode draad in de nota: samen komen we verder. Van den Berge: “Apeldoorners helpen elkaar en zien naar elkaar om, dat zit in ons DNA. Het zijn vrijwilligers die buurtbussen laten rijden, helpen bij de opvang van vluchtelingen, zwerfafval met elkaar opruimen of de mooiste initiatieven op poten zetten. Soms trekken we als gemeente de kar, maar steeds vaker proberen we aan te jagen of te faciliteren. Dat doen we heel bewust, want als we willen dat de samenleving zichzelf kan redden, moet daar ook de ruimte voor zijn.”
Schaalsprong
De komende jaren maakt Apeldoorn een flinke schaalsprong, in aantallen woningen en inwoners. De autonome groei is stevig en het college zet zijn invloed vooral in voor de manier waarop we groeien, zodat dit past bij het Apeldoornse DNA. Door bijvoorbeeld te zorgen dat we voldoende voorzieningen hebben. Van groenvoorzieningen tot onderwijs en van openbaar vervoer en wegenstructuur tot werkgelegenheid. We bouwen, vergroenen en vernieuwen tegelijk.
Maatschappelijke transformatie: het moet anders
De vraag naar zorg en ondersteuning is de afgelopen jaren om meerdere redenen enorm toegenomen. De effecten hiervan ziet de gemeente terug in de stijgende uitgaven in het sociaal domein, met name bij de Wmo (wet maatschappelijke ondersteuning) en in de jeugdzorg. Op dit moment ontvangt 1 op de 7 Apeldoornse kinderen en jongeren een vorm van jeugdzorg. In het jaar 2000 was dit nog 1 op de 27. Dit is een landelijk beeld en vraagt om een fundamentele koerswijziging. Want los van de financiën, is dit voor jongeren zelf een ongewenste ontwikkeling en er is ook nog een groot tekort aan personeel. Zonder maatregelen komt dus ook de zorg voor jeugd die hulp het hardst nodig heeft in de knel.
Van den Berge: “We moeten met elkaar vooral investeren in ondersteuning vanuit de omgeving waarin kinderen en jongeren zich bevinden. Dus het gezin, (sport)verenigingen, scholen, buurthuizen, jeugdhonken etc. Als we daarop inzetten, dan kunnen we veel vaker voorkomen dat jongeren in de jeugdzorg terechtkomen.”
Op het gebied van jeugdzorg gaat de gemeente diverse maatregelen treffen. Denk aan meer grip krijgen op de instroom, strakker sturen op kosteneffectiviteit, vaker evalueren in plaats van automatisch verlengen en kritischer kijken naar wie waarvoor verantwoordelijk is. Van den Berge: “Onze samenleving is de afgelopen decennia haar zelfredzaamheid kwijtgeraakt. We willen mensen de regie teruggeven. Zoals we het nu hebben georganiseerd, maakt zorg mensen juist meer afhankelijk van ons in plaats van dat ze steun vinden in hun eigen omgeving. Ook moeten we leren dat niet alles een probleem is en dat niet alles opgelost hoeft te worden. Normaliseren en niet problematiseren noemen experts dat. Samen met de raad en alle betrokken partijen moeten we deze transformatie vorm gaan geven.”
Besparen langs meerdere sporen
In de vorige meerjarenprogrammabegroting is opgenomen dat de gemeente op zoek moest naar manieren om 19,8 miljoen euro te besparen in 2027. Onder andere om op te vangen dat gemeenten vanaf 2026 minder geld krijgen van het Rijk. Die besparingsopgave heeft Apeldoorn opgedeeld in een aantal ‘sporen’, zowel intern als extern. De maatregelen die de gemeente binnen de eigen ambtelijke organisatie nam om te besparen (spoor 2) zijn in april met de gemeenteraad besproken en leveren een besparing op van bijna 10 miljoen euro. In de Voorjaarsnota is nu opgenomen welke besluiten het college neemt over spoor 1 (vergroten van de inkomsten van de gemeente via belastingen) en spoor 3 (besparen op subsidies en samenwerkingsverbanden).
Belastingen
Wat de belastingen betreft, is een belangrijk uitgangspunt voor het college dat heffingen kostendekkend moeten zijn. Dat bleek bijvoorbeeld nog niet het geval bij de veegkosten van de gemeente (die verwerkt zijn in de riool- en afvalstoffenheffing), de marktgelden en de begraafrechtenexploitatie. Bij de veeg- en begraafkosten betekent dat lichte verhogingen van tarieven. Bij de marktgelden is het nog onderwerp van gesprek hoe dit exact vorm gaat krijgen. Dat er naar kostendekkendheid moet worden toegewerkt is wel per 2026 ingeboekt in de Voorjaarsnota.
Verder kiest het college voor het invoeren van twee nieuwe heffingen en een lichte verhoging van de parkeertarieven op straat. De nieuwe heffingen zijn belastingen die ook in andere gemeenten al bestaan: een forensenbelasting en een zogenaamde vermakelijkhedenretributie. Bij forensenbelasting gaan mensen die relatief veel in Apeldoorn verblijven, omdat ze hier een tweede woning hebben, ook meebetalen aan de algemene voorzieningen in Apeldoorn. De vermakelijkhedenretributie is een belasting die gemeenten kunnen heffen bij attracties en evenementen, omdat hun bezoekers gebruik maken van gemeentelijke voorzieningen. Het onderzoek dat de gemeente laat uitvoeren naar de vermakelijkhedenretributie is nog niet afgerond, dus het besluit hierover kan mogelijk nog wijzigen. Invoering van deze heffing is nu begroot vanaf 2027.
Besluit over subsidies
Spoor 3 draaide om het onderzoeken van mogelijkheden om te besparen op subsidies en samenwerkingsverbanden. Bij dit spoor kiest het college voor een combinatie van maatregelen: we doen gerichte bezuinigingen bij een aantal grote partijen (zoals Tribuut) en daarnaast indexeren we de meeste subsidies in 2027 niet. Dat houdt in dat gesubsidieerde organisaties in 2027 geen compensatie van prijsstijgingen ontvangen ten opzichte van 2026. Op dit moment is de prognose dat het indexeringspercentage in 2027 ongeveer 3,7 procent zal zijn. Kleine (vrijwilligers)organisaties met een subsidiebedrag onder de 35.000 euro zijn uitgezonderd van deze maatregel.
Financiële situatie
De voorjaarsnota vormt de basis voor de MPB 2026-2029. Apeldoorn heeft 2024 financieel gezien goed afgesloten, maar vooral door bezuinigingen bij het Rijk en te weinig compensatie voor de jeugdzorg tekorten, kampten we vanaf 2026 met grote tekorten. Mede door extra geld van het Rijk en alle maatregelen die we nemen, staat Apeldoorn er nu financieel beter voor.