Acceptatiespeech herbenoeming
Beste Apeldoorners - hier in de raadzaal en thuis via de livestream -, beste leden van de gemeenteraad, beste leden van het college,
Stelt u zich eens voor:
op een mooie lentedag, in het jaar 2050, komt u terug van familiebezoek of van uw werk elders in het land. U bent met de trein en komt aan op station Apeldoorn Centraal. Als u het perron opstapt, staat u op een fraaie fly-over met uitzicht over de stad en - in de verte - de mooie dorpen, de sprengen en beken, de beemden, de IJssel en de bossen van de Veluwe.
U richt de blik naar het plein beneden u. Omdat u net in een andere stad bent geweest, kijkt u met frisse ogen en in ineens valt het u op: Apeldoorn lééft!
Overal om u heen ziet u jonge mensen lopen. Ze slaan linksaf voor het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering en voor Saxion, op de campus met collegezalen, laboratoria, studentenwoningen, kleinschalige horeca en start-ups.
Rechtsaf gaan ze voor ROC Aventus, met zijn lokalen voor gedifferentieerd onderwijs en geavanceerde werkplaatsen.
Overal ziet u mensen naar of van hun werk gaan in de duurzaam gebouwde kantoren en vergaderplekken rondom Apeldoorn Centraal. Via het vervoersknooppunt achter het station, met elektrische bussen, fietsen en lightrail is iedereen in een oogwenk waar die zijn moet.
Weer aan de andere kant van het spoor leidt een groene corridor met winkels en terrassen u naar het magistrale gebouw waarvan iedereen enorme spijt heeft dat hij het niet heeft aangekocht toen het nog betaalbaar was.
De politie heeft er een onderzoeks- en ontwikkellocatie, er is een Academie voor Publieke Veerkracht en Weerbaarheid, het Regionale Werkcentrum zit er en in het horecagedeelte zijn er voortdurend symposia en festivals op het gebied van talentontwikkeling, technologie en veiligheid.
En in het midden van dat alles valt uw oog op het sfeervolle Stationsplein met zijn karakteristieke vliegdennen en het inmiddels beroemde digitale kunstwerk met impressies van het stuifzand op de Veluwe.
Vanaf dit punt in het midden van de stad, een hotspot eersteklas, overziet u als trotse Apeldoorner het geheel, van de Kus dichtbij tot De Naald in de verte, van het Gelre Ziekenhuis in het zuiden tot Paleis Het Loo in het noorden, van Orpheus in het westen tot Apeldoorn Sport Arena in het oosten. En nog veel meer, te veel om op te noemen. En als je heel goed kijkt, met een heel scherpe verrekijker, zie je in de verte nog ergens Zwolle en Deventer, heel vaag. U kijkt naar Apeldoorn en u denkt bij uzelf: ‘Wat een stad!’
Met 200.000 inwoners. Met dorpen, buurten en wijken waar de mensen naar elkaar omzien. Met alle voorzieningen, van gezondheidszorg tot cultuur en van onderwijs tot sport.
Maar toch ook midden op de Veluwe. En met stedelijk groen, waar je ook maar kijkt. Met eromheen een ring van prachtige en krachtige dorpen, die de stad – nog steeds de gezondste van Nederland - als het ware omarmen en vasthouden.
Een stad ook met een bijzondere geschiedenis. Ontstaan en gegroeid onder de vleugels van de Oranje Nassaus. Doorontwikkeld door de aanwezigheid van krijgsmacht, maakindustrie, maar ook boomkwekerijen en kleine middenstand. Verder gestuwd door familiebedrijven en verenigingsleven, opgetild door onderwijs, technologische innovatie en groene infrastructuur.
En tot 2050 doorgelanceerd door duurzame woningbouw, slimme stedelijke mobiliteit, onderzoekende studenten, innovatieve ondernemers en tot de verbeelding sprekende architectuur.
En dat alles is zomaar uw stad, uw gemeente, Apeldoorn. Anno 2050.
Zes jaar geleden stond ik ook hier, op deze plek, boordevol ambities voor Apeldoorn. Ik had gelezen wat voor een burgemeester u zocht.
U zocht een burgemeester die met respect voor de natuur, de rust en de tradities van Apeldoorn ook het stedelijke karakter naar grotere hoogte wilde tillen.
Een burgemeester met een hart voor ondernemers, maar ook met oog voor de noden van degenen die het wat minder hebben getroffen.
De burgemeester die u zocht moest ook de veiligheid en de openbare orde strikt bewaken, met inachtneming van de vrijheid die u zo koestert. En het belang inzien van feesten en evenementen, spektakel en happenings. Kortom, u zocht een burgemeester die de natuurlijke balans van Apeldoorn wilde dienen. Het evenwicht tussen rust en reuring. Traditie en vernieuwing. Dorp en stad. Nuchterheid en branie. Dat is wat ik de afgelopen zes jaar heb proberen te doen.
In samenwerking met u, in samenwerking met partners binnen en buiten Apeldoorn, maar ook in de regio Stedendriehoek, in de provincie en in het land.
Want Apeldoorn is geen eiland, we maken deel uit van een groter verband. Net zoals ons land deel uitmaakt van een groter, Europees verband.
Opnieuw sta ik hier voor u, nog steeds vol ambities.
En uit verknochtheid met deze stad - met al haar inwoners, ondernemers, verenigingen en organisaties – kijk ik nu door mijn oogharen niet meer alleen naar 2040, maar ook naar 2050. En dan zie ik voor me wat ik net in grove penseelstreken schetste.
En als u denkt: die man denkt wel erg ver vooruit…:ik ben echt niet de enige! Dankzij een Apeldoornse bedrijf red ik het met dit blik kipcurry zelfs tot 1 januari 2050. Dus ik voel me volop gesteund in mijn neiging vooruit te dromen.
En maakt u zich geen zorgen: ik kijk niet zover vooruit omdat ik denk dat ik dan nog steeds burgemeester ben – maar wel omdat ik denk dat besturen vooruitzien is. Stippen op de horizon zetten. Idealen koesteren. Ambities formuleren. Mensen enthousiasmeren en aanmoedigen. Netwerken smeden. Om uiteindelijk samen de schouders eronder te zetten.
Ik vind het een grote eer dat ik verder mag met vormgeven aan mijn droom voor Apeldoorn. Om van Apeldoorn die, fijne, veilige, innovatieve, supergezellige, ondernemende en saamhorige stad te maken die het in wezen al is – maar waar nog veel meer uit te halen valt. Zodat al die 200.000 mensen hier met enorm veel plezier kunnen wonen, werken en opgroeien. Dat is mijn ambitie. En volgens mij ook de uwe.
Tegelijkertijd - je kunt nog zo veel dromen en ambities hebben, maar je hebt het niet altijd voor het zeggen. Het leven is niet maakbaar. Dat weet ik maar al te goed.
Ik ben dan ook dankbaar voor alles wat me al gegeven is.
Door de inwoners van deze gemeente.
Door u, in deze raad; door de mensen van de griffie, door mijn collega’s in het college, door alle ambtenaren.
Door mijn naaste medewerkers.
Door mijn vrienden.
Maar vooral ook door mijn familie: ik ben hen enorm dankbaar.
Ik dank u voor het vertrouwen dat u opnieuw in mij heeft gesteld. Ik zal doen wat in mijn vermogen ligt.
Dank u wel.
Burgemeester Ton Heerts heeft geen vast spreekuur.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met zijn secretaresse via het telefoonnummer 14 055. Gesprekken met de burgemeester vinden in principe plaats in het stadhuis.