Herdenking einde Japanse bezetting Nederlands-Indië
Dit jaar is het jaar van 80 jaar vrijheid. Dit hele jaar herdenken en vieren we dat we 80 jaar geleden onze vrijheid terugkregen, dat we werden bevrijd van onze bezetter.
Daarbij hadden we het tot nu toe vooral over Europa en over de Duitse bezetter. Over het bombardement van Rotterdam, de hongerwinter, de Holocaust, de concentratiekampen. Dat is ook begrijpelijk, gezien de onvoorstelbare gevolgen van deze oorlog en de blijvende invloed ervan op de geschiedenis van een groot deel van de wereld.
Maar voor ongeveer 2 miljoen Nederlanders strookt dat niet met hun familiegeschiedenis. Voor hen is 15 augustus de datum die het einde van de Wereldoorlog markeert – en dat is ook de officiële datum van het einde van de oorlog in het Koninkrijk der Nederlanden.
Want de families van deze inmiddels 2 miljoen Nederlanders leefden niet onder het juk van de Duitsers maar van de Japanners, in wat toen nog Nederlands-Indië was. In hun families gaat de oorlog over de Japanse interneringskampen, de dodenspoorlijnen, de troostmeisjes.
Maar ook over de periode daarna: opnieuw chaos en geweld toen Nederland als hooghartige kolonisator reageerde op de onafhankelijkheidseis van de Indonesiërs. Gevolgd door al dan niet gedwongen repatriëring, niet nagekomen beloftes aan KNIL-militairen, de kille ontvangst en het ervaren onbegrip in Nederland.
Dat zijn ook verhalen die we moeten vertellen in dit jaar van 80 jaar vrijheid. Verhalen die in vele families wel altijd aanwezig zijn, maar vaak niet verteld worden, omdat de herinneringen te zwaar zijn of het maatschappelijk ongemak te groot. Verhalen die een ander perspectief bieden en een ander licht werpen op onze geschiedenis.
Daarom zijn we vandaag hier bij elkaar, bij de Zeven Indische Kruizen, op Nationaal Ereveld Loenen bij Apeldoorn. Om te herdenken, te luisteren, stil te staan.
Deze zeven kruizen vormen een rechtstreekse verbinding met de zeven Nederlandse erevelden in Indonesië. Daar rusten ongeveer 25.000 Nederlandse oorlogsslachtoffers, van zowel de Tweede Wereldoorlog als de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog. De drie vazen die hier vandaag staan, staan symbool voor de erevelden in Thailand en Myanmar, waar nog eens drieduizend Nederlanders liggen begraven. Zoveel levens, zoveel families die zijn geraakt, verspreid en verscheurd.
Toen de overlevenden van deze oorlog terugkwamen in Nederland, leefden ze wel in vrijheid. Maar het was voor velen een moeizame vrijheid. In een land dat hen niet gastvrij welkom heette, waar ze als het ware tegen ruggen aankeken. In dat opzicht was hun lot vergelijkbaar met degenen die als overlevenden terug waren gekeerd uit de kampen of fabrieken uit Duitsland of elders in Europa: niet gehoord, niet gezien, niet begrepen, niet gewenst.
Het heeft lang geduurd voor dat veranderde. Nederland was een land in verwarring, nog in de oude rol van agressor en kolonisator in Azië en tegelijkertijd opkrabbelend in zijn rol als onder de voet gelopen slachtoffer. Er was geen ruimte voor inkeer en zelfreflectie, geen neiging tot een uitgestoken hand.
Inmiddels liggen de kaarten anders. En leren we langzamerhand onze geschiedenis te zien vanuit andere perspectieven. Getuigen de excuses die de koning en de regering enkele jaren geleden hebben aangeboden aan de Indonesische bevolking. De excuses aan alle militairen die vochten voor de Nederlandse strijdkrachten, voor de onmogelijke situatie waarin zij terecht zijn gekomen door toedoen van de Nederlandse autoriteiten. En getuige het groeiende bewustzijn over de kille ontvangst in Nederland van zowel de Molukse gemeenschap als de Nederlandse Indiërs.
Maar afgerond is het maatschappelijke debat over deze periode in de Nederlandse geschiedenis nog niet.
Daarom is het extra belangrijk om samen te blijven herdenken op 15 augustus, als één land. Met ruimte voor de verschillende perspectieven. Met oor voor de verschillende verhalen. Met een uitgestoken hand naar hen die nog zwijgen.
Daarom staan we hier vandaag, bij deze zeven kruizen en drie vazen. In verbinding met de slachtoffers van toen. In verbinding met de nabestaanden van nu.
Burgemeester Ton Heerts heeft geen vast spreekuur.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met zijn secretaresse via het telefoonnummer 14 055. Gesprekken met de burgemeester vinden in principe plaats in het stadhuis.