Homepage Apeldoorn.
A A A
Zoekvenster
Zoeken

Uitvoeringsplan handhaving drank en horeca 2020

De verantwoordelijkheid voor het goed en op verantwoorde wijze exploiteren van een horecabedrijf en het verantwoord verstrekken van alcohol ligt primair bij de ondernemer. Van een ondernemer wordt verwacht dat hij de wet- en regelgeving kent en weet welke voorwaarden worden gesteld aan vergunningen en ontheffingen. Veel horecaondernemers houden zich prima aan wet- en regelgeving en de voorwaarden. Er is echter een minderheid die dat niet doet. Dit leidt tot overlast, onveilige situaties en aantasting van het woon- en leefklimaat. Om naleving van wet- en regelgeving af te dwingen zal toezicht moeten plaatsvinden. Zo nodig wordt handhavend opgetreden door het opleggen van bestuursrechtelijke maatregelen. Het handhavingsprotocol beschrijft welke bestuursrechtelijke maatregel volgt op welke overtreding.

Mijn Apeldoorn

Het doel van dit uitvoeringsplan is

  • verbetering van het nalevingsgedrag, waarmee wordt beoogd de leefbaarheid, de openbare orde, de veiligheid en gezondheid en de eerlijke mededinging positief te beïnvloeden;
  • burgers, bedrijven en instellingen binnen de gemeente Apeldoorn rechtszekerheid te bieden door de handhavingstaak op uniforme wijze uit te voeren;
  • dat er passende maatregelen worden genomen bij geconstateerde overtredingen of incidenten, die qua aard zo goed mogelijk aansluiten bij het soort overtreding en qua zwaarte bij de ernst van de overtreding;

Het uitvoeringsplan handhaving drank en horeca heeft de volgende opbouw; eerst wordt beknopt weergegeven hoe de taken en bevoegdheden zijn verdeeld op het gebied van toezicht en handhaving. Daarna volgt een weergave van de verschillende bestuursrechtelijke instrumenten die ingezet kunnen worden. Vervolgens wordt de evaluatie van het vorige uitvoeringsplan behandeld en worden een aantal veranderingen ten opzichte van dat plan toegelicht. Als laatste zal in het handhavingsprotocol worden weergegeven hoe vanaf 1 januari 2020 opgetreden wordt bij de verschillende soorten overtredingen.

Taken, bevoegdheden en toezicht

De burgemeester is primair verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid. Namens de burgemeester wordt de alcoholvergunning verleend. Hij beschikt over een aantal (bestuursrechtelijke) instrumenten om de openbare orde en veiligheid te waarborgen. De burgemeester is het bevoegd gezag om op te treden tegen overtredingen van de Alcoholwet. Voor wat betreft de Algemene plaatselijke verordening, waar ook verschillende zaken zijn geregeld als het om de horecasector gaat, is ook de burgemeester het bevoegd gezag.

Toezicht

Toezicht houden is een vorm van preventie. Door aanwezig te zijn, instrumenten mee te geven voor zelfregulering/eigen naleefgedrag en goede contacten te hebben met ondernemers en para commerciële rechtspersonen (zoals sportverenigingen) kan naleefgedrag worden gestimuleerd. Daarnaast is slim toezicht houden ook vooral risicogericht toezicht houden op locaties die op grond van signalen van stakeholders extra aandacht verdienen. Tenslotte geldt ook “high trust, high penalty”: er wordt uitgegaan van en vertrouwd op het zelfregulerend vermogen door ondernemers en paracommerciële rechtspersonen. Bij (herhaaldelijke) overtredingen volgen echter ook strenge sancties.

Toezichthouders van team Toezicht handhaving openbare ruimte (Thor) zijn door de burgemeester aangewezen om toezicht te houden op naleving van de alcoholwet. Bij het houden van toezicht op naleving van regelgeving door horecagelegenheden heeft ook de politie een grote rol.

Het inzetten van gemeentelijk toezichthouders heeft een grote preventieve werking. Doordat zij zichtbaar zijn voor ondernemers en para commerciële rechtspersonen is duidelijk dat de naleving van wet- en regelgeving een serieuze aangelegenheid is, waarbij overtredingen daadwerkelijk gesanctioneerd worden. Er wordt zowel steekproefsgewijs als naar aanleiding van klachten of meldingen gecontroleerd.

Samenwerking team Thor/politie

Regelmatig voegen de gemeentelijk toezichthouders zich bij het team van de politie om tijdens uitgaansuren op het Caterplein toezicht te houden op de naleving van wet- en regelgeving. Verder houden zij het gehele jaar toezicht op de overige horeca binnen de gemeente.

Afspraken tussen politie en de gemeentelijke toezichthouders over de taakverdeling zijn vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst. Deze samenwerkingsovereenkomst wordt elk jaar opnieuw vastgesteld.

Handhavingsprotocol

De burgemeester beschikt over een aantal bestuursrechtelijke instrumenten die kunnen worden ingezet voor handhaving bij overtredingen: Schorsen of intrekken van een vergunning, opleggen van een last onder dwangsom of last onder bestuursdwang, opleggen van een bestuurlijke boete en de “Three strikes out” maatregel.

In het handhavingsprotocol is opgenomen dat optreden van gemeentewege ingrijpender wordt wanneer de overtreding aanhoudt of zich herhaalt. Ingrijpen loopt dan via een aantal voorgeschreven stappen. Er zijn ook situaties denkbaar waarbij het volgen van het stappenplan niet wenselijk is. Het is dan ook van belang om op te merken dat de volgende schema’s slechts richtinggevend zijn voor de handhavers. Er kunnen zich omstandigheden voordoen waardoor afgeweken moet worden van de schema’s.

Wanneer besloten wordt om een bestuursrechtelijke maatregel op te leggen dient deze maatregel ook daadwerkelijk uitgevoerd te worden. Daartoe is een goede afstemming noodzakelijk tussen vergunningverleners, toezichthouders en handhavers.

Intrekking of schorsing van de verleende vergunning

Zowel de alcoholwet als de Algemene plaatselijke verordening (Apv) kent de bevoegdheid om een verleende vergunning in te trekken. Daarbij is het goed om te vermelden dat in de alcoholwet tevens is uitgewerkt in welke gevallen de vergunning móet worden ingetrokken.

Naast intrekking bevat de alcoholwet de mogelijkheid tot het schorsen van de vergunning voor een maximale duur van 12 weken. Het middel van schorsing kan ingezet worden in veel situaties waarin intrekking ook mogelijk is. Bij intrekking van de vergunning zal een nieuwe aanvraagprocedure moeten worden gestart. Dat is bij schorsing van de vergunning niet het geval. In de gevallen waarin intrekking als te ingrijpend wordt ervaren, kan de vergunning eerst voor een bepaalde periode geschorst worden. Daarbij wordt wel opgemerkt dat wanneer de wet bepaalt dat een vergunning móet worden ingetrokken (zie artikel 31, eerste lid alcoholwet) het middel van schorsing niet kan worden ingezet.

Last onder dwangsom

In sommige gevallen kan of moet worden gekozen voor een last onder bestuursdwang. Bij bestuursdwang gaat het betreffende bestuursorgaan zelfstandig over tot daadwerkelijk optreden door de overtreding te beëindigen indien de ondernemer dat niet doet binnen de gestelde termijn. De bestaande illegale situatie kan dus door het optreden van het bestuursorgaan in overeenstemming worden gebracht met de wettelijk geldende normen. Hierbij moet gedacht worden aan het sluiten van een horeca-inrichting omdat geen alcoholvergunning is verleend.

De dwangsombevoegdheid en de bestuursdwangbevoegdheid kunnen niet gelijktijdig, maar wel achtereenvolgens worden toegepast. Dit betekent dat er steeds een keuze voor één van beide maatregelen zal worden gemaakt.

Last onder bestuursdwang

In sommige gevallen kan of moet worden gekozen voor een last onder bestuursdwang. Bij bestuursdwang gaat het betreffende bestuursorgaan zelfstandig over tot daadwerkelijk optreden door de overtreding te beëindigen indien de ondernemer dat niet doet binnen de gestelde termijn. De bestaande illegale situatie kan dus door het optreden van het bestuursorgaan in overeenstemming worden gebracht met de wettelijk geldende normen. Hierbij moet gedacht worden aan het sluiten van een horeca-inrichting omdat geen drank- en horecavergunning is verleend.

De dwangsombevoegdheid en de bestuursdwangbevoegdheid kunnen niet gelijktijdig, maar wel achtereenvolgens worden toegepast. Dit betekent dat er steeds een keuze voor één van beide maatregelen zal worden gemaakt.

Bestuurlijke boete

Naast bovengenoemde maatregelen biedt de alcoholwet de burgemeester de bevoegdheid tot het opleggen van een bestuurlijke boete. Voor wat betreft de bestuurlijke boete is ervoor gekozen dit middel slechts in te zetten bij overtreding van de in de wet opgenomen leeftijdsgrenzen. Voor andere overtredingen bieden de voornoemde maatregelen voldoende handvatten.

Three strikes out

Uitgangspunt is dat er bij alcoholverkoop aan minderjarigen streng wordt opgetreden. De “three strikes out” maatregel is daar een voorbeeld van. Niet vergunning plichtige detailhandel die alcohol verkoopt (supermarkten, warenhuizen, bezorgdiensten) kunnen worden gesanctioneerd als ze in een periode van 12 maanden drie keer of vaker alcohol verkopen aan minderjarigen. Met deze sanctie ontneemt de burgemeester de betreffende ondernemer tijdelijk het recht om alcohol te verkopen voor minimaal 1 week tot maximaal 12 weken.

Evaluatie uitvoeringsplan drank en horeca 2015

In het preventie en handhavingsplan alcohol 2018-2022 is bepaald dat het uitvoeringsplan drank en horeca 2015 geëvalueerd wordt. Aan deze evaluatie, in 2019, hebben horecaondernemers, vertegenwoordiging van de Sportraad, vertegenwoordiging van Koninklijk Horeca Nederland (Afdeling Apeldoorn), vertegenwoordiging van de politie en betrokken ambtenaren van de afdeling Juridische Zaken deelgenomen. Tijdens de bijeenkomsten zijn door de deelnemers verschillende punten naar voren gebracht. Per punt wordt hieronder een nadere toelichting gegeven.

Waarschuwing

Een waarschuwing wordt gemist en opbouw in inzet van handhavingsinstrumenten is gewenst. In sommige situaties zou volgens de ondernemers eerst een waarschuwing, dan een boete en pas uiteindelijk een intrekking wenselijk zijn. Tijdens de gesprekken is al aangegeven dat dit juridisch gezien niet mogelijk is. Er dient een keuze te worden gemaakt tussen de verschillende bestuursrechtelijke instrumenten. Deze kunnen, zoals hiervoor al toegelicht, niet gelijktijdig worden ingezet. Daarnaast wordt de bestuurlijke boete slechts in een beperkt aantal gevallen ingezet. Het door de deelnemers naar voren gebrachte voorbeeld, de intrekking van de ontheffing verlengde openingstijden, valt daar niet onder. Bij die overtreding kan slechts een last onder dwangsom dan wel intrekking van de ontheffing ingezet worden. Wel is de gemaakte opmerking reden om de schriftelijke waarschuwing weer in te voeren bij het overtreden van de ontheffing verlengde openingstijden.

Overigens is dit punt ook aan de orde gekomen tijdens een bezwarenprocedure. De onafhankelijke bezwarencommissie heeft in die procedure, gericht tegen de tijdelijke intrekking van de ontheffing verlengde openingstijden, in overweging gegeven andere en eventuele minder belastende handhavingsmiddelen in te zetten. Met het invoeren van de waarschuwing is derhalve tevens gevolg gegeven aan het advies van de commissie. Daarnaast wordt de noodzaak en mogelijkheid onderzocht om in de Apv een schorsingsbevoegdheid op te nemen.

Voor wat betreft de andere overtredingen van de Apv wordt geen waarschuwing gegeven. Het opleggen van een last onder dwangsom heeft immers al een preventieve werking. Om die reden wordt in deze gevallen niet tevens een waarschuwing gegeven.

Schone lei

Ook wordt een “schone lei moment” gemist, een moment waarop bij goed gedrag een handhavingsmaatregel vervalt. In reactie op deze opmerking zullen de handhavingsbrieven worden aangepast. Als binnen 2 jaar na het opleggen van de bestuurlijke handhavingsmaatregel niet opnieuw een overtreding wordt geconstateerd, vervalt deze van rechtswege. Een opgelegde dwangsom wordt dan ook niet langer voor ‘onbepaalde tijd’ opgelegd.

Sportvereniging

Voor de sportverenigingen is nog specifiek genoemd dat een groot deel van vrijwilligers niet op de hoogte is van regels uit de alcoholwet. Om die reden wordt bij een eerste constatering van een overtreding van artikel 24 alcoholwet een verplichte IVA (instructie Verantwoord Alcohol schenken) training opgelegd aan de sportvereniging, op straffe van een dwangsom. Dit komt dan in de plaats van de bestuurlijke boete.

Vensteruur/3 uurs regeling

Aangegeven is dat niet alle ondernemers op de hoogte zijn van de zogenoemde ’3-uurs regeling’. Los van de onbekendheid wordt verzocht om deze af te schaffen. De regeling wordt beschouwd als achterhaald en onpraktisch. Als de 3-uurs regeling wordt gehandhaafd, wordt verzocht om een bewaakte garderobe op of in de omgeving van het Caterplein.

Naar aanleiding van het bovenstaande is met de afdeling Omgevingsrecht en Vergunningen afgesproken dat het afschaffen van de 3-uurs regeling door hen wordt opgepakt. Er wordt onderzocht of een pilot gestart kan worden met het afschaffen van de 3-uurs regeling. Dit onderwerp wordt dan ook verder niet betrokken bij deze evaluatie.

Overige opmerkingen

Verder is gevraagd of het terrassenbeleid van 2004 nog werkbaar is. Bijvoorbeeld als het gaat om parasols die gebruikt mogen worden tot 23.00 uur, terwijl het terras gebruikt mag worden tot 1 uur voor sluitingstijd. In reactie wordt opgemerkt dat het terrassenbeleid van 2004 nog steeds in werking is. Daarbij wordt opgemerkt dat het beleid binnen afzienbare tijd zal worden geëvalueerd en zo nodig herzien. De gemaakte opmerkingen zal daarin worden meegenomen.

Verschillende overtredingen

In het hierna volgende protocol is een verdeling gemaakt naar regelgeving. Een onderscheid moet worden gemaakt tussen overtredingen van de Algemene plaatselijke verordening 2014 (Apv 2014) en dealcoholwet. Voor wat betreft overtredingen in horecagelegenheden van de Opiumwet of de Wet op de kansspelen wordt verwezen naar de daartoe gemaakte beleidstukken. Dat geldt ook voor overtredingen van het Activiteitenbesluit.

Overtredingen Algemene Plaatselijke Verordening

 
Overtreding artikel APV Korte omschrijving Bestuursdwang/ dwangsom Intrekking/schorsing vergunning
2.28 Terras zonder vergunning Dwangsom N.v.t.
2.28 jo. 1.4 Terras in strijd met vergunning Dwangsom Intrekking na dwangsomprocedure
2.29 Overtreding reguliere sluitingstijden Dwangsom N.v.t.
2.29 jo. 1.4 Overtreding sluitingsuur met vergunning N.v.t. Eerst waarschuwing, daarna intrekking
2.33A Verstrekken alcoholvrije drank zonder vergunning Dwangsom N.v.t.
2.33E Verbod geopend zijn zonder aanwezigheid leidinggevende Dwangsom Intrekking na dwangsomprocedure
2.34B, 1e lid Overtreding schenktijden Dwangsom N.v.t.
2.34B, 2e lid Verstrekken alcohol tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard of geen relatie met activiteit Dwangsom N.v.t.

Uitwerking dwangsom in het geval van 2.29 overtreding reguliere sluitingstijden
Indien een horecabedrijf niet beschikt over een ontheffing verlenging openingstijden gelden de reguliere sluitingstijden van artikel 2:29 Apv. Indien een horecabedrijf geopend is ná deze tijden, wordt een formeel handhavingstraject gestart. Eerst wordt het voornemen tot het opleggen van een last onder dwangsom op schrift gesteld. De overtreder wordt in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen.
Afhankelijk van de ingediende zienswijze wordt de last al dan niet opgelegd. Als de dwangsom is opgelegd en er nogmaals een overtreding wordt geconstateerd, wordt de dwangsom verbeurd. Voordat over wordt gegaan tot invordering van die dwangsom, wordt de ondernemer door middel van een voornemen op de hoogte gebracht. Nadat de maximale dwangsom is verbeurd kan een nieuwe last onder dwangsom worden opgelegd met een hogere dwangsom.

Uitwerking intrekking ontheffing in het geval van 2.29 overtreding sluitingsuur

Indien een horecabedrijf beschikt over een ontheffing verlenging openingstijden en de voorwaarden verbonden aan deze vergunning overtreden worden, wordt bij een eerste overtreding een waarschuwing gegeven. Als daarna opnieuw een overtreding wordt geconstateerd wordt het formele handhavingstraject gestart. Eerst wordt een voornemen tot intrekking van de ontheffing op schrift gesteld. De overtreder wordt in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen. Afhankelijk van de ingediende zienswijze wordt de vergunning voor de duur van 1 week ingetrokken. Bij een volgende overtreding wordt dezelfde procedure gevolgd, maar gaat het om een intrekking van 4 weken en uiteindelijk voor onbepaalde tijd.

 
Overtreding artikel DHW Korte omschrijving Bestuursdwang/ dwangsom Bestuursdwang/ dwangsom Bestuurlijke boete* Three strikes out
3 (geen vergunning aangevraagd of geweigerd) Zonder vergunning het horecabedrijf/slijtersbedrijf uitoefenen Toepassen bestuursdwang bij 1e constatering n.v.t.   n.v.t.
13, 1e lid Verbod verstrekken alcoholhoudende drank voor elders dan in een horecabedrijf Dwangsom Schorsen bij overtreding 5 voor max. 12 weken   n.v.t.
13, 2e lid Verbod verstrekken alcoholhoudende drank ter plaatse in een slijtersbedrijf zonder verzoek klant Dwangsom Schorsen bij overtreding 5 voor max. 12 weken   n.v.t.
14, 2e lid Verbod bedrijfsactiviteiten in een horecalokaliteit of op terras Dwangsom Schorsen bij overtreding 5 voor max. 12 weken   n.v.t.
19, 1e lid Verbod bestelservice sterke drank Dwangsom n.v.t.   n.v.t.
19, 2e lid Verbod bestelservice zwak alcoholhoudende drank Dwangsom n.v.t.   n.v.t.
20, 1e lid Verstrekken alcoholhoudende drank aan jongeren waarvan niet is vastgesteld dat zij de leeftijd van 18 hebben bereikt n.v.t. Schorsing bij overtreding 3 voor max. 12 weken, daarna intrekken vergunning 1360/2720
Voor eerste 2 overtredingen
n.v.t.
20, 1e lid (i.c.m. art. 19a) Verstrekken alcoholhoudende drank aan jongeren waarvan niet is vastgesteld dat zij de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt Evt. bestuursdwang bij oplegging ontzegging bevoegdheid verkoop zwak-alcoholhoudende   1360/2720 Ja
20, 2e lid Aanwezigheid persoon jonger dan 18 jaar in slijterij zonder begeleiding van persoon vanaf 21 jaar Dwangsom Schorsen bij overtreding 5 voor max. 12 weken   n.v.t.
24, 1e lid Verbod geopend zijn zonder aanwezigheid leidinggevende Dwangsom Schorsen bij overtreding 5 voor max. 12 weken   n.v.t.
24, 2e lid Verboden geopend zijn zonder aanwezigheid leidinggevende of barvrijwilliger (paracommercieel) Dwangsom vanaf 2e overtreding Verplichte IVA- training bij 1e overtreding   n.v.t.
25, 1e lid Verbod op aanwezigheid van alcoholhoudende drank Bestuursdwang N.v.t.   n.v.t.
25, 2e lid Verbod op het nuttigen van alcoholhoudende drank in voor publiek geopende ruimte Bestuursdwang N.v.t.   n.v.t.
29, 3e lid Vergunning/aanhangsel niet aanwezig in bedrijf Dwangsom N.v.t.   n.v.t.
35,2e lid Niet voldoen aan beperkingen/voorschriften ontheffing Maatwerk
Afhankelijk van voorschriften
Intrekking
Maatwerk
  n.v.t.
38 Onjuiste gegevens verstrekken bij aanvraag N.v.t. intrekking   n.v.t.

* eerste bedrag geldt voor de natuurlijke persoon of rechtspersoon die op de dag waarop de overtreding is begaan minder dan 50 werknemers telde;
* tweede bedrag geldt voor de natuurlijke persoon of rechtspersoon die op de dag waarop de overtreding is begaan meer dan 50 werknemers telde.

Uitwerking bestuursdwang in het geval van art. 3 horecabedrijf geopend zonder geldige alcoholvergunning

Indien een horecabedrijf wordt uitgeoefend zonder geldige alcoholvergunning wordt bevolen tot beëindiging van de drankverkoop en wordt mondeling het voornemen kenbaar gemaakt tot sluiting van de horeca-inrichting. De overtreder wordt in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen. Afhankelijk van de ingediende zienswijze wordt een sluitingsbevel genomen. Daarbij dient een termijn in acht te worden genomen zodat de ondernemer zelf de mogelijkheid krijgt om tot sluiting over te gaan. Er zijn gevallen denkbaar waarin de situatie dermate spoedeisend is dat eerst over wordt gegaan tot sluiting en pas daarna een last onder bestuursdwang op schrift wordt gesteld. Daarbij moet gedacht worden aan situaties waarin de veiligheid van eventuele bezoekers ernstig in het geding is.

De ondernemer kan in de gelegenheid worden gesteld om alsnog een aanvraag in te dienen. In de tussentijd dient de horecagelegenheid echter wel gesloten te zijn. Onduidelijk is immers of voldaan wordt aan bijvoorbeeld de inrichtingseisen.

Uitwerking dwangsom in het geval van art. 13 1e lid alcoholwet overtreden verbod om vanuit een horecabedrijf drank te verstrekken voor gebruik elders

Indien vanuit een horecabedrijf drank wordt verstrekt voor gebruik elders dan ter plaatse, wordt het verbod in artikel 13 1e lid overtreden en wordt een dwangsom opgelegd. Het voornemen tot het opleggen van de dwangsom wordt schriftelijk bevestigd. De overtreder wordt in de gelegenheid gesteld om een zienswijze naar voren te brengen.

Afhankelijk van de ingediende zienswijze wordt de last al dan niet opgelegd. Als de dwangsom is opgelegd en er nogmaals een overtreding wordt geconstateerd, wordt de dwangsom verbeurd. Voordat over wordt gegaan tot invordering van die dwangsom, wordt de ondernemer door middel van een voornemen op de hoogte gebracht. Nadat de maximale dwangsom is verbeurd, dus na 4 overtredingen, wordt de vergunning geschorst. Dit kan voor een periode van maximaal 2 weken. In dit geval moet opnieuw een zienswijzenprocedure worden gevoerd.

 
Overtreding artikel DHW Korte omschrijving Bestuursdwang/ dwangsom Intrekking/schorsing vergunning Bestuurlijke boete* Three strikes out
20, 4e lid Verbod op aanwezigheid personen onder invloed Strafrecht Schorsing n.v.t. n.v.t.
20, 5e lid Verbod dienst te doen onder invloed Strafrecht Schorsing n.v.t. n.v.t.

Ingeval van overtreding van bovengenoemde artikelen kan, naast de bestuursrechtelijke maatregel van schorsing, ook strafrechtelijk worden opgetreden. In artikel 252, eerste lid, aanhef onder 1, van het Wetboek van Strafrecht is het verstrekken van alcoholhoudende drank aan personen onder invloed strafbaar gesteld.