Wat zoekt u:

Archeologisch onderzoek

Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning kunt u te maken krijgen met archeologie. Dat kan van belang zijn bij alle graafwerkzaamheden; als u gaat bouwen maar ook bij het slopen van funderingen of bij natuuraanleg. Door graafwerkzaamheden kunt u archeologische resten vernietigen. Om dat te voorkomen bepaalt het bestemmingsplan wanneer archeologisch onderzoek verplicht is voor een omgevingsvergunning. We beschermen zo informatie over ons verleden in de bodem.

  • Bepaal bij voorkeur zo vroeg mogelijk of archeologisch onderzoek nodig is. Archeologen bepalen op basis van door u aangeleverde gegevens voor een omgevingsvergunning (locatie, oppervlakte en diepte van alle graafwerkzaamheden) of archeologisch (voor)onderzoek nodig is. Ook informatie over de fundering of onderkeldering van te slopen bebouwing is van belang. Wij nemen indien nodig contact met u op.

    Als u al over alle informatie beschikt (locatie, oppervlakte, diepte, eventuele fundering of onderkeldering), kunt u ook vóór een eventuele vergunningaanvraag contact met ons opnemen via archeologie@apeldoorn.nl of telefoonnummer 14 055.

    Om zelf te bekijken of archeologisch onderzoek volgens ons beleid nodig is, bekijkt u de archeologische beleidskaart 2015 (pdf, 12 MB). Daarin vindt u ook een verhelderend stroomschema (pdf, 720 kB). U kunt ook de gemeentelijke viewer inzien, waar u op adres kunt zoeken. Als blijkt dat archeologisch onderzoek nodig is, neemt u contact met ons op via archeologie@apeldoorn.nl of telefoonnummer 14 055. Een archeoloog van de gemeente bepaalt dan of onderzoek echt nodig is. Er kan bijvoorbeeld al onderzoek zijn gedaan. De archeoloog bepaalt verder welk soort onderzoek u het beste kunt laten uitvoeren.

    De doorlooptijd van alle stappen (zie Aanvullende informatie, Vormen van onderzoek) bedraagt ongeveer 10 weken.

  • De wet bepaalt dat de verstoorder van de grond het archeologisch onderzoek betaalt. Als vergunningaanvrager zijn de kosten voor u. De kosten moeten wel in een redelijke verhouding staan tot de (financiële) omvang van uw project. Voor excessieve kosten heeft de gemeente een archeologisch noodfonds. U kunt hierop aanspraak maken als de kosten voor een gravend archeologisch onderzoek (archeologische begeleiding, proefsleuvenonderzoek of opgraving) hoger zijn dan 1% van de bouwkosten. Neem voor informatie hierover contact met ons op via archeologie@apeldoorn.nl of telefoonnummer 14 055. Zie ook pagina 15 van de archeologische beleidskaart 2015 (pdf, 12 MB).

    • Als u als aanvrager de archeologische gegevens als bedoeld bij Aanvraag niet indient, kan de gemeente beslissen uw aanvraag niet te behandelen.
    • Alleen gecertificeerde bureaus mogen archeologisch onderzoek uitvoeren. De website van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer (SIKB) biedt een overzicht van gecertificeerde bureaus.
  • Vormen van onderzoek

    Archeologisch onderzoek is er in vele vormen. Vaak bestaat het onderzoek voor de omgevingsvergunning uit de volgende stappen:

    1. U krijgt te horen van de gemeente dat u een gespecialiseerd bureau (website SIKB) een verkennend booronderzoek moet laten uitvoeren
    2. Na uitvoering dient u het rapport in bij het Omgevingsloket ter beoordeling
    3. Als het rapport is goedgekeurd, neemt de gemeente een besluit of vervolgonderzoek nodig is
    4. Als vervolgonderzoek nodig is moet u daarvoor een Programma van Eisen (PvE) laten maken
    5. Als het PvE is goedgekeurd verleent de gemeente meestal de vergunning onder voorwaarde dat u het vervolgonderzoek volgens het PvE én voorafgaand aan alle graafwerkzaamheden uitvoert

    Of u archeologisch onderzoek moet laten doen is afhankelijk van de locatie en omvang van uw plan.

    Locatie

    De kans op het aantreffen van archeologische resten verschilt per gebied. De ene plek was bijvoorbeeld ooit aantrekkelijker om te wonen dan de andere. Op de archeologische beleidskaart 2015 (pdf, 12 MB) van de gemeente staat in welk gebied we welke verwachting hebben op de aanwezigheid van archeologische resten; een (middel-)hoge, een lage of helemaal geen archeologische verwachting ofwel categorie 4, 5 of 6. Op sommige plekken weten we vrij zeker welke archeologie in de bodem aanwezig is. Dit noemen we gebieden met monumentale of vastgestelde archeologische waarden (ofwel categorie 1, 2 en 3). In de gemeentelijke viewer kunt u op adres zoeken.

    Omvang

    Qua omvang zijn de oppervlakte en de diepte van de graafwerkzaamheden van belang. In elke beleidscategorie geldt een andere vrijstellingsgrens.

    Cat. Aanduiding Vrijstellingsgrens (*)
    1 Terreinen met monumentale archeologische waarden In principe geen bodemingrepen toegestaan.
    2 Terreinen met vastgestelde archeologische waarden Bij bodemingrepen dieper dan 35 cm over meer dan 50 m2 is archeologisch onderzoek nodig
    3 Terreinen met archeologische waarden Bij bodemingrepen dieper dan 35 cm over meer dan 100 m2 is archeologisch onderzoek nodig
    4 Zones met een (middel)hoge archeologische verwachting Bij bodemingrepen dieper dan 35 cm over meer dan 500 m2 is archeologisch onderzoek nodig
    5 Zones met een lage archeologische verwachting Bij bodemingrepen dieper dan 35 cm over meer dan 2500 m2 is archeologisch onderzoek nodig
    6 Zones zonder archeologische verwachting Alle bodemingrepen zijn toegestaan zonder archeologisch onderzoek

     

    Natuur

    Ontwikkelingen binnen gebieden met de bestemming natuur vormen een uitzondering. Ervaring leert dat archeologische waarden binnen natuurgebieden relatief dicht aan het oppervlak kunnen liggen. Daarom geldt hier naast bovengenoemde maatvoering de algemene regel dat bij bodemingrepen groter dan 10.000 m2 (ongeacht de diepte) altijd archeologisch onderzoek nodig is.

    Oude en nieuwe regelgeving

    Het hier beschreven beleid is vastgesteld in juni 2015. Er kunnen nog oude regels in uw bestemmingsplan staan. Vaak zijn de nieuwe regels soepeler; u kunt hiervan uitgaan.